15/10/2025

EuroNASCAR Finals 2025 in Zolder, Amerikaanse adrenaline op Vlaamse bodem

In Heusden-Zolder vond dit weekend de seizoensfinale van de EuroNASCAR plaats. Het evenement trok opnieuw veel publiek en bevestigde de groeiende populariteit van de Amerikaanse raceformule in Europa.

De lucht boven Heusden-Zolder trilt van het geluid. De geur van benzine, rubber en barbecue vult het domein. De zon priemt door slierten herfstnevel, en in de verte dreunt een stem over de luidsprekers: “Gentlemen, start your engines!”

Het zijn de finales van de EuroNASCAR 2025 op het circuit van Zolder, en het is gezellig druk. Op het asfalt wordt gestreden om kampioenschappen, maar rondom is er minstens evenveel beleving: oldtimers, Amerikaanse pick-ups, legervoertuigen, hotdogs en hamburgers. Alles ademt Stars and Stripes.

Even kaderen: NASCAR is in discipline die vooral in de VS ontzettend populair is. Coureurs rijden met identieke, zwaar gemotoriseerde bolides op traditioneel ovalencircuits, waarbij duels wiel aan wiel centraal staan.

Ik ben op pad met Stef Vandeputte, motorsportfotograaf en kenner van het circuit. Terwijl hij zijn lenzen poetst, wijst hij richting de drukte. “Zie je dat? Elk jaar meer volk. NASCAR en het evenement worden jaar na jaar populairder hier”, zegt hij. En inderdaad: het middenplein is aardig goed gevuld met motorsportfans van alle leeftijden.

Het American Festival
De EuroNASCAR-finales maken deel uit van het American Festival, een evenement dat de Europese versie van het iconische Amerikaanse stockcar-racen omkadert met pure beleving. Een gigantische collectie muscle cars staan te glimmen in de paddock (zone achter de pits waar wagens worden voorbereid, red.), Harley-rijders parkeren hun motoren naast oude Chevrolets en kinderen gaan op de foto met de racewagens.

Aan de rand van het circuit staan kraampjes vol glimmende gadgets: miniatuur-Mustangs, vlaggen, petten, T-shirts met de namen van coureurs en slogans als ‘In Speed We Trust’. Even verder worden voertuigen van het Amerikaanse leger tentoongesteld, compleet met camouflagenetten en een luidsprekertje dat jaren ’40-muziek speelt.

Tussen de rook van hamburgers en de geur van verbrand rubber hoor je Vlaamse accenten mengen met Engels, Frans en Duits. Het is niet zomaar een raceweekend, het is een cultureel samenspel, een plek waar Europese fans even op Amerikaanse bodem lijken te staan.

Aan Amerikaanse vlaggen geen gebrek in Zolder – © Viggo Goris

Auto’s van plastiek
Wanneer de eerste trainingssessie van start gaat, sta ik met Stef op het dak van het business center. De wagens razen met brullende motoren voorbij, de carrosserie trilt zichtbaar.

“Deze auto’s zijn niet zoals gewone wagens van staal gemaakt”, zegt hij. “Ze zijn grotendeels van kunststof. Die bodypanelen zijn dun en licht. Een tikje en het ligt los. Da’s typisch voor NASCAR: spectaculair, maar ook heel gevoelig voor schade.”

Een paar minuten later schuift een van de wagens door de grindbak, een bumper doet zijn uiterste best om één te blijven met de wagen. Het publiek juicht. “Zie je? In een andere raceklasse is dit een drama en verlies je, maar hier hoort het bij de show.”

De charme van NASCAR zit precies daarin: de balans tussen brute actie en toegankelijke techniek. De auto’s zijn identiek qua motor en gewicht, wat zorgt voor echte gevechten wiel aan wiel. Geen elektronische hulpmiddelen, geen hightech snufjes: puur racen.

De strijd om de titels
EuroNASCAR bestaat uit twee hoofdcategorieën:

De PRO-divisie is het hoogste niveau, daar rijden de meest ervaren coureurs mee, vaak met professionele teams en sponsors achter zich. Hier worden de grote titels beslist. Daarnaast is er de OPEN-divisie (vroeger ‘EuroNASCAR 2’), de opstapklasse. Jongere rijders, nieuwkomers of semiprofessionals racen met dezelfde wagens, maar in aparte manches. Het is de kweekvijver van de toekomst, en tegelijk een klasse met zijn eigen helden.

“De verschillen tussen PRO en OPEN zijn kleiner dan mensen denken”, zegt Stef terwijl we door de paddock wandelen. “Het zijn dezelfde auto’s, alleen de ervaring en strategie maken het verschil. In OPEN zie je vaak nog meer spektakel omdat de coureurs nog net iets vaker een foutje durven maken.”

In de PRO-divisie stond één man centraal: Vittorio Ghirelli. De 30-jarige Italiaan, de regerende kampioen van 2024. Hij kwam naar Zolder om zijn eerste plek in het klassement te verzilveren en stelde niet teleur.

Tijdens het finale-weekend won hij beide races, telkens zonder veel moeilijkheden. Zijn directe tegenstanders, Paul Jouffreau en Gianmarco Ercoli, slaagden er niet meer in om hem echt te bedreigen. “Hij is de perfecte mix van agressie en finesse”, analyseert Stef. “Hij weet precies waar hij zijn moment moet pakken. Dat is ervaring.”

Met zijn overwinning werd Ghirelli de tweede rijder ooit die twee EuroNASCAR PRO-titels na elkaar pakt. Zijn naam staat nu naast die van Alon Day, de Israëlische viervoudige kampioen. De Italiaanse vlag wapperde hoog boven het podium terwijl Ghirelli champagne spoot, zichtbaar emotioneel.

Na de race viert Ghirelli zijn titel met een motorsporttraditie: donuts – © Viggo Goris

In de OPEN-divisie schreef Thomas Krasonis geschiedenis. De 23-jarige coureur uit Athene werd de eerste Griekse NASCAR-kampioen ooit.

Hij hoefde in de slotrace niet eens te winnen: een top-5-finish was voldoende om de titel veilig te stellen. Toch reed hij vol risico, eindigde als derde, en vierde uitbundig.

Krasonis’ weg naar succes was lang en kronkelig. Sinds zijn debuut in 2019 kende hij tegenslagen, teamwissels en pandemiejaren. Hij werkte met legende Alon Day als mentor, leerde van elk foutje en bouwde gestaag aan vertrouwen. Zijn overwinning in Zolder was het sluitstuk van zes jaar vol doorzettingsvermogen. “Dat is wat deze klasse mooi maakt”, zegt Stef. “Het is niet alleen snelheid. Het is karakter.”

Blik op 2026
Tussen de races door wordt al naar volgend seizoen gekeken. Een opvallende naam duikt op in het nieuws: Martin Doubek, de Tsjech die dit jaar vice-kampioen werd in OPEN, kondigt aan dat hij in 2026 overstapt naar de PRO-divisie.

“Dat zegt veel over de richting van de serie”, legt Stef uit. “Coureurs groeien hier echt door. Doubek heeft het materiaal en de mentaliteit om in PRO te scoren. En dat houdt de competitie fris.”

Voor de EuroNASCAR-organisatoren is het doel om de serie verder te professionaliseren zonder het toegankelijke karakter te verliezen. De groei in toeschouwersaantallen is daarbij essentieel. “Het American Festivalconcept werkt”, zegt Stef. “Mensen komen voor de show, blijven voor de sport.”

Beleving boven alles
Wanneer de laatste race van het weekend eindigt, klinkt de Star-Spangled Banner nog één keer uit de luidsprekers. Vlaggen wapperen, kinderen dragen oorbeschermers te groot voor hun hoofd. Het voelt even alsof België een stukje Tennessee is geworden.

Stef kijkt tevreden rond. “Dit is waarom ik dit werk graag doe”, zegt hij. “Niet alleen om de snelheid, maar om de beleving. De sport leeft van deze emoties.”

Ik merk het ook aan het publiek: gezinnen die blijven napraten, rijders die selfies nemen met fans, teams die elkaar feliciteren. Geen afstand, geen gesloten deuren. EuroNASCAR is familie, een familie die elk jaar groter wordt.

De EuroNASCAR-finales in Zolder vatten alles samen wat autosport aantrekkelijk maakt: lawaai en passie, rook en kameraadschap, snelheid en show. Tussen de Amerikaanse vlaggen en Belgische frieten vond een uniek samenspel plaats tussen twee culturen. Een Europese invulling van een Amerikaans icoon.

Voor Vittorio Ghirelli en Thomas Krasonis eindigde het weekend in triomf. Voor Martin Doubek begon er al een nieuw hoofdstuk. En voor duizenden fans was het gewoon een feest: een luid, kleurrijk, eerlijk feest van racen.

Of, zoals Stef het verwoordt wanneer we het terrein verlaten en de laatste motoren uitdoven: “Je hoeft niet naar Daytona (iconisch NASCAR-circuit, red.) te gaan om echte NASCAR-sfeer te voelen. Je kan gewoon in oktober naar Zolder komen.”

Tekst: Viggo Goris
Foto: Viggo Goris