Aantal ongevallen met e-steps blijft stijgen, dat vraagt om meer inzicht
Elektrische steps eisen meer en meer hun plaats op in ons straatbeeld. Die stijging in populariteit gaat wel hand in hand met een sterk stijgend aantal ongevallen. Steeds vaker belanden e-steppers met ernstige verwondingen in het ziekenhuis, ook verkeersspecialisten trekken aan de alarmbel. Welke regels gelden er nu precies, waarom gebeuren die ongevallen, en wat kunnen we doen om het steppen veiliger te maken?
Wat zeggen de cijfers?
De cijfers van verkeersinstituut VIAS zijn zorgwekkend: in 2024 registreerde ze 1.853 letselongevallen met elektrische steps, een stijging van 13% ten opzichte van 2023. Ter referentie, er zijn de dag van vandaag enkele tienduizenden e-steps in het Belgische verkeer.
En die cijfers lijken dit jaar niet te zullen verbeteren. In de eerste drie maanden van 2025 alleen al werden 470 ongevallen gemeld, gemiddeld vijf per dag, wat neerkomt op een stijging van 61% ten opzichte van dezelfde periode in 2024.
Welke regels gelden voor e-steps?
In ons land gelden strengere regels rond het gebruik van elektrische steps.
Een heel duidelijk voorbeeld: de maximumsnelheid van de step mag niet hoger zijn dan 25 kilometer per uur, anders mag je niet op de openbare weg rijden. Toch rijden er op onze wegen veel opgevoerde steps rond. Die zijn heel gevaarlijk, aangezien de kleine wielen absoluut niet voorzien zijn op stabiliteit bij zo’n hoge snelheden.
Verder is de minimumleeftijd om met een e-step op de openbare weg te mogen rijden 16 jaar. Daarnaast mag je nooit met twee op één e-step. Balans, stabiliteit en controle gaan ernstig achteruit met een extra passagier. VIAS zegt dat “met twee mensen erop rijden quasi onmogelijk maakt om de nodige rijbewegingen uit te voeren.”
Steps kunnen ook voor gevaar zorgen wanneer ze niet actief in het verkeer zijn. Veel gebruikers parkeren steps zomaar in het midden van de openbare weg, wat ook voor gevaar zorgt. Bovendien is dit strikt verboden; parkeren mag enkel in daarvoor aangeduide zones.
Wat wordt er gedaan om de veiligheid te verbeteren?
Volgens de wet is het niet verplicht om een helm te dragen, maar het wordt wel heel sterk aangeraden.
Er lopen wel voorstellen voor strengere maatregelen:
Zo ligt er een voorstel op tafel over nummerplaten bij e-steps. Hiermee zouden overtreders makkelijker opgespoord kunnen worden en zou de drempel voor illegale aankopen verhogen. Daarnaast werkt VIAS mee om de goedkeuring van zogenaamde curvometers te versnellen: dat zijn toestellen waarmee de politie de werkelijke snelheid van e-steps kan meten, cruciaal in controles.
Welke verwondingen zijn typisch bij e-step-ongevallen?
De meest voorkomende letsels zijn verwondingen na vallen of botsingen. Opvallend: vaak bij ongevallen met slechts één betrokken partij.
Hoofdletsels behoren tot de meest ernstige verwondingen bij ongevallen met elektrische steps. Door de kleine wielen en het lage zwaartepunt van de step verliezen gebruikers vaak snel hun balans. Zonder helm maakt dat de kans op hersen- of schedelletsels veel groter.
Ook breuken en verstuikingen komen veel voor, vooral de handen zijn vaak slachtoffer. In ernstigere gevallen is er zelfs sprake van levensbedreigend letsel, vooral wanneer er geen helm werd gedragen.
Private e-steps versus deelsteps: wat is het verschil?
Niet alle e-steps zijn gelijk. Er zit een groot verschil tussen privésteps die je zelf bezit en deelsteps (zoals deelplatforms).
Deelsteps hebben geen vaste parkeerplaats, waardoor ze op een willekeurige plek worden achtergelaten. Dat zorgt voor overlast en gevaar, zeker voor voetgangers. Gebruikers van deelsteps zijn regelmatig toeristen of mensen die weinig ervaring hebben, wat het risico op ongevallen verhoogt. Anderzijds zijn deelsteps wel gegarandeerd technisch begrensd, wat overdreven snelheden uitsluit.
Private steps daarentegen zijn veel moeilijker te controleren, zij kunnen makkelijker aanpassingen doen aan de veiligheidsbegrenzingen. Zij hebben dan weer wel meer ervaring en kunnen de step ook op hun privédomein parkeren.
Tekst: Viggo Gors
Foto: © Akela NDE / Wikimedia Commons



