13/11/2025

D66 wint Nederlandse verkiezingen: dit moet je weten

Op 29 oktober waren het vervroegde verkiezingen in Nederland. Rob Jetten en zijn partij D66 vielen als verrassende winnaar uit de bus. De grote overwinnaars van 2023, PVV en GroenLinks-PvdA, keken tegen verliezen aan. Dit zijn de verkiezingen bij onze noorderburen voor jou uitgelegd.

1. Vervroegde verkiezingen?

Nederland heeft net als België een legislatuur van vier jaar. Dat betekent dat een gevormde regering vier jaar zou blijven bestaan voor er opnieuw verkiezingen komen. In Nederland gebeurde dat dit keer niet. Op 2 juli 2024 legde het kabinet (de regering) onder leiding van premier Dick Schoof de eed af. Nog geen jaar nadat het kabinet ontstond, op 3 juni 2025, werd dit kabinet alweer ontbonden. Waarom? De grootste partij (PVV van Geert Wilders) trok zich uit de regering uit onvrede over het asielbeleid. De Nederlanders moesten daarom opnieuw naar de stembus op 29 oktober.

2. D66 als verrassende winnaar

Het waren enorm spannende verkiezingen. Op de avond van de verkiezingsdag verscheen de eerste exitpoll (peiling bij burgers die uit het stemhokje komen, red.), een eerste graadmeter. Die toonden hoe spannend het wel was. De centrum- en democratische partij D66 (Democraten 66) stond op kop met 27 zetels, de extreemrechtse en te kloppen partij PVV (Partij voor de Vrijheid), achtervolgde met 25 zetels. De nek-aan-nekrace kon beginnen; de stemmen werden geteld.

Pas vrijdag 7 november werd de definitieve uitslag bekendgemaakt: D66 won de verkiezingen met 26 zetels (16,9% van de stemmen) en had slechts 28.455 stemmen meer dan de PVV (ook 26 zetels). Opvallend: bij de verkiezingen in 2023 behaalde D66 slechts 9 zetels (6,3% van de stemmen). Met 17 nieuwe zetels kan je dit toch verrassend noemen.

3. Grote verliezen bij gevestigde partijen

Het waren niet de verkiezingen waar Geert Wilders van droomde. De partijleider van de extreemrechtse partij PVV hoopte dit jaar opnieuw de grootste partij te worden. In 2023 wonnen zij de verkiezingen met ruim 23,5% van de stemmen (37 zetels). Dit jaar keek hij op tegen een verlies van bijna 7% (11 zetels minder). Een bittere pil om te slikken. Ook het kartel GroenLinks-PvdA – in 2023 tweede – zag hun uitslag dalen van 15,7% naar 12,8%. Meteen na de uitslagen nam partijleider Frans Timmermans dan ook ontslag.

Opvallend is ook wat er gebeurde met de partij NSC (Nieuw Sociaal Contract). NSC behaalde in 2023 (hun eerste deelname) 20 zetels, dit jaar geen één. Een heleboel factoren liggen hier aan de basis: het vertrek van de partijleider, ontslagen binnen de partij en een rampzalige regeringsdeelname.

4. Wie volgt Dick Schoof op als premier?

Er wordt vooral gekeken naar één man: Rob Jetten. De 38-jarige Veghelnaar is partijleider van D66 en dé man achter deze historische overwinning. Met zijn slogan “Het kan wél” wist hij het meeste aantal Nederlanders te overtuigen. In de politieke debatten toonde hij zich vlot en zelfzeker. Hij was niet bang voor Geert Wilders en durfde ermee in de clinch te gaan. Ook zijn passage in de Nederlandse versie van ‘De Slimste Mens’, waarin hij derde eindigde, zal zijn populariteit een boost gegeven hebben. Jetten zou de jongste én eerste openlijk homoseksuele premier ooit kunnen worden. Eerst moet de regering gevormd worden, daarna zullen we weten wie de nieuwe Nederlandse premier wordt.

5. Wie kan er met wie gaan regeren?

Nu de stemmen geteld zijn, is het aan de grootste partij D66 om een coalitie te vormen. Hiervoor werd D66-politicus Wouter Koolmees aangeduid als verkenner om de eerste gesprekken voor de regeringsvorming te houden. Koolmees duidde zijn eigen partij en het CDA (Christendemocraten) aan om een geschikte meerderheid te zoeken. Nu krijgen de informateurs de tijd om gesprekken te houden met verschillende partijen over de belangrijkste thema’s.

De meest logische optie voor een regering is een centrumregering met D66, GroenLinks-PvdA, CDA en VVD. Al wil de VVD niet regeren met GroenLinks-PvdA. Een andere mogelijkheid zou een centrumrechtse regering zijn met D66, CDA, VVD en JA21. Die komt wel nog één zetel te kort voor een meerderheid. De komende maanden zullen meer duidelijkheid brengen.

6. Goede opkomstgraad

Nederland heeft, anders dan België, geen opkomstplicht. Dat betekent dat stemgerechtigde burgers vrij zijn om te kiezen of ze naar het stemhokje gaan of niet. Het opkomstcijfer in Nederland lag met deze verkiezingen op 78,4%. Daarmee ligt de opkomst dit jaar 0,7% hoger dan in 2023 (77,7%). In totaal waren er 10.640.324 Nederlanders die een stem uitbrachten. Best goed voor een land zonder opkomstplicht.

7. Politieke verschuiving naar het centrum

De uitslagen van deze verkiezingen tonen aan dat er een verschuiving gaande is in het Nederlandse kiesgedrag. Waar de verkiezingen in 2023 nog gedomineerd werden door populistische en progressieve partijen (PVV en GroenLinks-PVDA), kozen kiezers dit jaar meer voor de gematigde centrumpartijen (D66 en CDA). De Nederlandse samenleving lijkt zo van een best gepolariseerde samenleving terug naar een coherente(re) samenleving te evolueren.

 

Tekst: Siebe Nijs

Uitgelichte afbeelding: © Illya Kolbeek via wikimedia (CC BY 4.0)