18/11/2025

Symposium VRM: gijzelt of verrijkt AI de Vlaamse redacties?

EXPERTS VERDEELD OVER DE TOEKOMST VAN DE JOURNALISTIEK

LEUVEN, 17 november 2025 — De Vlaamse journalistiek bevindt zich op een cruciaal kantelpunt. Artificiële intelligentie maakt redacties efficiënter, maar roept tegelijkertijd grote vragen op over betrouwbaarheid en de rol van de journalist. Dat spanningsveld stond centraal tijdens het jaarlijkse symposium van de VRM (Vlaamse Regulator voor de Media) in Leuven.

Het symposium, geleid door moderator Jelle Mels (VRT), bracht enkele grote namen uit de mediawereld samen, waaronder Charlotte Michils (Vlaamse Vereniging van Journalisten, VVJ), Dominique Deckmyn (techredacteur De Standaard), Karolien Van Dinter (Roularta), Stephanie D’haeseleer (imec-mict-UGent) en Philip Heymans (VRT NWS en Raad voor de Journalistiek).

AI als assistent, niet als auteur

De inleiding door Carlo Adams, voorzitter van de algemene kamer van de VRM, schetste de moeilijke situatie waar de journalistiek mee te maken krijgt. Adams verwees naar de lancering van ChatGPT in november 2023 als een kantelpunt, maar waarschuwde tegelijkertijd voor misleidend gebruik. Zo haalde hij enkele voorbeelden van AI-misbruik aan, zoals toen een uitgever honderden door AI-gegenereerde artikels publiceerde, toegeschreven aan verzonnen journalisten met AI-gegenereerde foto’s en biografieën.

Volgens recent onderzoek blijkt dat journalisten AI vandaag voornamelijk gebruiken als een hulpmiddel, bijvoorbeeld voor research, taalfouten en transcripties van interviews. Dominique Deckmyn, technologiejournalist bij De Standaard, bevestigde de resultaten van het onderzoek. “In de eerste plaats gebruik ik AI zelf voor research; het is een manier om te zoeken”, aldus Deckmyn, die studenten van Thomas More leert om de juiste AI-modellen te gebruiken.

Ook het uitschrijven van interviews is een taak waar AI grote tijdwinst boekt. Philip Heymans (VRT) stelt dat deze efficiëntiewinst cruciaal is: “Je hoeft niet meer alles te volgen. Je geeft een zoekterm in en vindt meteen de juiste quote.”

Journalisten zijn echter nog niet helemaal overtuigd om AI in te zetten voor de daadwerkelijke creatie van journalistieke content (teksten, beelden, audio). De voornaamste reden is dat AI hun eigen schrijfstijl of die van hun medium niet voldoende kan nabootsen. Karolien Van Dinter van Roularta vatte het beleid van haar uitgeverij bondig samen: “AI schrijft geen tekst.”

Het panel kreeg lastige vragen voorgeschoteld door Jelle Mels. © Joram Van Ossel

Toekomst van AI

Toch blijft de bezorgdheid over de impact op jobs groot. Grote mediabedrijven bouwen ondertussen eigen tools, zoals de Smart News Assistance bij de VRT, terwijl kleinere redacties moeite hebben om mee te stappen.

Volgens Deckmyn is dat beeld te pessimistisch. Kleine uitgeverijen kunnen volgens hem net profiteren van de mogelijkheden van AI: “Met AI kunnen ze doen alsof ze een grote redactie zijn.” Hij gaf het voorbeeld van journalisten die met AI zelf interactieve infographics kunnen genereren, zonder gespecialiseerde data- of grafische teams. Mediahuis heeft momenteel nog gespecialiseerd personeel in dienst voor dit soort zaken, maar voor kleine redacties zou dit dus niet nodig zijn, aangezien ze beroep kunnen doen op AI.

Maar de techredacteur waarschuwt tegelijk voor economische gevolgen op langere termijn. “Op dit moment investeert niemand om journalisten te vervangen. Maar als er een economisch moeilijke periode komt, zal men wel naar AI grijpen om te besparen.” Zo haalde hij het voorbeeld aan dat wanneer er bespaard moet worden, er eerst gekeken zal worden naar de jobs die AI zou kunnen ‘vervangen’.

Vooral de rollen van puur tekstredacteurs (die enkel taalfouten corrigeren), vertalers en grafische profielen staan onder druk. VVJ-vertegenwoordiger Charlotte Michils pleitte daarom voor bijscholing en omscholing: “We moeten daarop inspelen en oplossingen zoeken.”

Vage richtlijnen

Een van de grootste pijnpunten in het debat is de concrete toepassing van ethische richtlijnen. Hoewel alvast de helft van de journalisten aangeeft dat hun redactie regels heeft over AI-gebruik, zijn die vaak te vaag voor de journalisten die ze in de praktijk moeten gebruiken. Zowel de VRT als de Raad voor de Journalistiek hanteert het principe dat er ‘altijd een mens op het einde van de keten moet zitten’. 

Deckmyn noemde die regel onvoldoende gedetailleerd: “Wie is de mens? Wat is zijn taak precies? En wat als hij gewoon op ‘oké’ klikt?” Zo ontstaat een dubbele druk op journalisten: ze moeten AI gebruiken voor efficiëntie, maar blijven wel verantwoordelijk voor alle fouten die de technologie maakt. Denk maar aan de vele fouten of hallucinaties die nog vaak uit AI-modellen komen wanneer je hen een vraag stelt.

Ook transparantie naar het publiek of de lezer toe is moeilijk. Zo zou je bijvoorbeeld altijd kunnen vermelden dat een artikel gemaakt is met hulp van AI, maar is dat echt de oplossing? Onderzoeker Stephanie D’haeseleer waarschuwde dat te veel labelen averechts werkt: “Als je overal labels op plakt, schuif je de verantwoordelijkheid door naar de gebruiker.”

Volgens haar onderzoek willen mensen vooral weten wanneer AI wordt gebruikt bij het maken van content (foto’s, video’s, samenvattingen) en bij hard nieuws. Bij zacht nieuws of ondersteunend werk vinden mensen het veel minder erg dat er gebruik wordt gemaakt van AI.

Businessmodellen onder druk

Naast de ethische uitdagingen vrezen uitgevers voor de impact van AI-samenvattingen in zoekmachines, die lezers weghouden van de oorspronkelijke nieuwsbronnen. Dat is volgens Karolien Van Dinter een reële bedreiging: “Het is een van de evoluties die echt een bedreiging zijn. De uitdaging ligt erin dat mediabedrijven een ‘destination’ moeten worden. Lezers moeten bewust naar de titels komen, niet via Google-resultaten.”

De sector moet daarom samenwerken met grote AI-bedrijven om licenties en vergoedingen af te dwingen voor auteursrechtelijk beschermd werk, benadrukte VVJ-vertegenwoordiger Michils.

Cieltje Van Achter, minister van Media, gaf achteraf nog een speech over AI. © Joram Van Ossel

AI in de toekomst

Op de vraag hoe journalistiek er binnen tien jaar uitziet, weigerde Deckmyn te speculeren. De ontwikkeling van Artificial General Intelligence (AGI) maakt voorspellen te onzeker. Je weet namelijk nooit hoe snel AI kan evolueren. 

Toch waren de panelleden het erover eens dat de menselijke expertise en de journalistieke metier cruciaal zullen blijven. Stephanie D’haeseleer stelde dat de journalistiek zelf in waarde zal toenemen: “Ik denk dat de journalistiek belangrijker dan ooit gaat worden. Nu het publiek wordt overspoeld door sociale media en AI-gegenereerde content, groeit het inzicht dat accuraatheid en onpartijdigheid van traditionele media belangrijker worden.”

Als AI repetitieve taken overneemt, kunnen redacties volgens Heymans meer tijd vrijmaken voor wat écht telt: op pad gaan, bellen, checken, graven. Het symposium werd afgesloten door Vlaams minister van Media Cieltje van Achter, die opnieuw het belang benadrukte van transparantie en menselijke controle.

Tekst: Joram Van Ossel & Elias Rom
Foto’s: © Joram Van Ossel