27/03/2026

LONGREAD – De leegloop van Tubeke: Waarom de Rode Duivels de strijd om binationaal toptalent verliezen

Rayane Bounida trekt definitief de deur van de Belgische jeugdploegen achter zich dicht en kiest voor Marokko. Het is een scenario dat zich de laatste jaren met pijnlijke regelmaat herhaalt in de wandelgangen van het Belgische voetbal. Terwijl de RBFA vasthoudt aan haar principes, plukken buitenlandse voetbalbonden de binationale talenten weg. Welke parels dreigen de Rode Duivels nog mis te lopen, en is de aanpak van Tubeke nog wel de juiste? Een blik op de dossiers die de bond niet mag verliezen.

Het nieuws over Rayane Bounida landde niet als een bom in Tubeke, maar eerder als een vermoeide zucht. De keuze van het Ajax-talent voor Marokko is immers al lang geen unicum meer, maar het nieuwste hoofdstuk in een chronisch hoofdpijndossier voor de Belgische voetbalbond.

 

Dit bericht op Instagram bekijken

 

Een bericht gedeeld door Équipe du Maroc (@equipedumaroc)

Wanneer een speler met een dubbele nationaliteit de leeftijd van 18 jaar nadert, barst achter de schermen een meedogenloze strijd los. Waar vroeger een uitnodiging voor de Belgische nationale jeugdploegen het absolute summum was, is de concurrentie tegenwoordig moordend. Marokko rolt de rode loper uit voor talenten met Noord-Afrikaanse roots, Congo rekruteert met een uitgekiende strategie de beste Belgisch-Congolese profielen (Sadiki, Epolo, Balikwisha,…) en zelfs Europese landen als Spanje (Fernandez Pardo) en Griekenland (Konstantinos Karetsas) vonden recent succesvol de weg naar Belgische kweekvijvers.

Om de recente leegloop te begrijpen, moeten we verder kijken dan de individuele keuzes van tieners. De internationale voetbalmarkt is fundamenteel veranderd. Waar de Belgische voetbalbond (RBFA) jarenlang kon rekenen op de vanzelfsprekendheid dat een talent uit de eigen kweekvijver automatisch voor de Rode Duivels zou kiezen, is België nu een jachtgebied geworden voor buitenlandse federaties. En die spelen het spel bikkelhard.

Het Marokkaanse masterplan 

De Marokkaanse voetbalbond (FRMF) is de absolute pionier in deze nieuwe realiteit. Na het historische succes op het WK in Qatar hebben ze hun Europese scoutingsapparaat exponentieel uitgebouwd. In België opereren netwerken van scouts en ambassadeurs die toptalenten al vanaf de U15 intensief opvolgen. Het charmeoffensief is totaal: families worden uitgenodigd op luxueuze trainingscomplexen in Rabat, er wordt ingespeeld op trots en identiteit, en wat nog vaker de doorslag geeft, is dat er een ultrasnel traject naar de A-ploeg  wordt voorgelegd. Waar een talent in België vaak geduldig de ladder van de nationale jeugdploegen moet beklimmen, aarzelt Marokko niet om een 18-jarige belofte meteen tussen sterren als Achraf Hakimi en Brahim Díaz te zetten. Voor een jonge speler (en zijn entourage) is dat een gigantische magneet.

De Congolese connectie 

Ook bij de Congolese voetbalbond zitten ze niet stil. Onder impuls van bondscoach Sébastien Desabre en grote namen als Claude Makélélé, is de FECOFA geprofessionaliseerd. Ze azen gericht op jongens die bij de Belgische beloften tegen het glazen plafond van de A-ploeg botsen of voelen dat hun kansen slinken. Het resultaat is een indrukwekkende lijst van spelers die in Tubeke werden opgeleid, maar nu de kleuren van de Luipaarden verdedigen.

De Belgische bond strijdt met ongelijke wapens. Landen als Marokko en Congo kunnen toptalenten een shortcut naar interlandvoetbal op het hoogste niveau bieden, gekoppeld aan een diep emotioneel narratief. België biedt een afgemeten, stapsgewijs opleidingstraject. En dat brengt ons bij de reactie van de RBFA.

De Mannaert-doctrine

Terwijl de buitenlandse druk toeneemt, heeft de RBFA besloten om niet mee te stappen in een opbod. Onder leiding van Sports Director Vincent Mannaert waait er een nieuwe, zakelijke wind door het nationaal oefencentrum. Zijn filosofie laat zich het best samenvatten als “de Belgische bond smeekt niet.”

Kiezen is kiezen 

Mannaert, gepokt en gemazeld in het harde clubvoetbal, weigert de Rode Duivels als een onderhandelingsfiche te zien. De visie is helder: het truitje van de nationale ploeg is een eer, geen commerciële pasmunt of een middel om volgers op sociale media te winnen. Spelers die de boot afhouden, om bedenktijd vragen of openlijk flirten met een ander land om druk te zetten op de Belgische bondscoach, worden meedogenloos naar de wachtkamer verwezen. “Wie twijfelt, hoort er niet bij,” is het credo geworden.

Trotse principes of tactische zelfmoord? 

Binnen de bondsmuren wordt deze duidelijke lijn toegejuicht. Het schept rust en vermijdt dat de nationale ploeg een speelbal wordt van makelaars. Spelers die voor België kiezen, doen dat nu met de volle 100 procent overtuiging.

Maar bij buitenstaanders groeit de kritiek. Want is deze starre houding nog wel van deze tijd? Binationale spelers van 17 of 18 jaar staan onder immense druk. Ze schipperen tussen hun sportieve ambities, de wensen van hun ouders, de commerciële belangen van hun makelaar en hun eigen gelaagde identiteit. Twijfel op die leeftijd is niet noodzakelijk een gebrek aan respect, maar menselijk. Door de deur resoluut dicht te trekken bij de minste aarzeling, duwt de RBFA twijfelende toptalenten mogelijk recht in de armen van landen die wél bereid zijn om hun ego te strelen.

Met een talentenpool die minder onuitputtelijk is dan tijdens de hoogdagen van de Gouden Generatie, is de vraag of België zich deze koppigheid nog lang kan permitteren. De cases van Bounida, Karetsas en Fernandez-Pardo bewijzen dat talent razendsnel ontglipt als je niet meespeelt op de internationale markt.

 

Dit bericht op Instagram bekijken

 

Een bericht gedeeld door Ethniki Omada (@ethnikiomada)

De vijf toptalenten die Tubeke onmogelijk mag verliezen

De theoretische discussies in de bestuurskamers van de RBFA stuiten in de praktijk al snel op een weerbarstige realiteit. Hoe strikt de ‘kiezen is kiezen’-lijn van Sports Director Vincent Mannaert ook klinkt, bondscoach Rudi Garcia en de nationale beloftencoaches beseffen maar al te goed dat het goud van de toekomst vaak een dubbele nationaliteit bezit. Op dit moment liggen er vijf brandende dossiers bovenaan de stapel in Tubeke. Vijf spelers met een volstrekt ander profiel, maar met één gemene deler: buitenlandse bonden trekken met ongeziene agressiviteit aan hun mouw.

Jorthy Mokio (18 jaar, AFC Ajax – Optie: DR Congo) 

Een moderne, linksvoetige centrale verdediger met het lichaam van een volwassene en de inspeelpass van een spelmaker: Jorthy Mokio is een absolute zeldzaamheid. Sinds zijn veelbesproken overstap van KAA Gent naar Ajax is zijn ontwikkeling geëxplodeerd, met een recent debuut in de Eredivisie tot gevolg. Hoewel hij meermaals de aanvoerdersband droeg bij de Belgische jeugd en luidop droomt van het WK 2026, is hij momenteel prioriteit nummer één voor Congo. Bondscoach Sébastien Desabre ziet in hem de defensieve leider voor het komende decennium. Terwijl Mokio bij België moet opboksen tegen een stevige hiërarchie, biedt Kinshasa hem een onmiddellijke shortcut naar internationaal topvoetbal.

 

Dit bericht op Instagram bekijken

 

Een bericht gedeeld door AFC Ajax (@afcajax)


Samuel Mbangula (22 jaar, Werder Bremen – Optie: DR Congo) 

Als revelatie speelde hij zich in de schijnwerpers bij Juventus, daarna zocht de Congolese Belg naar meer speelminuten in Duitsland, de perfecte competitie voor een pijlsnelle en technisch begaafde flankaanvaller. Hij botst op een gigantische file bij de Rode Duivels, waar jongens als Jérémy Doku, Malick Fofana en Johan Bakayoko de dienst uitmaken. De Congolese voetbalbond weet dat talenten bij Europese topclubs die in hun geboorteland naast een A-cap grijpen, uiterst vatbaar zijn voor een overstap. Een gigantisch charmeoffensief moet Mbangula overtuigen dat zijn internationale toekomst in Afrika ligt.

Noah Saviolo (22 jaar, Vitória Guimarães – Optie: Portugal)

De man met Portugese grootouders toont aan dat de RBFA te weinig op zoek is naar ontbolsteringen in het buitenland. Hij verliet de jeugd van Anderlecht destijds in alle stilte voor Lille en ontplofte dit seizoen helemaal in Portugal, waar hij in december en januari nog werd verkozen tot ‘Jong Talent van de Maand’ in de Primeira Liga. Terwijl hij in België onder de radar bleef, hanteerde de Portugese voetbalbond een feilloze hit-and-run tactiek. Deze maand lieten ze hem prompt debuteren voor de Portugese U21. Het dossier-Saviolo toont pijnlijk aan dat de RBFA niet enkel in de Jupiler Pro League alert moet zijn, maar veel proactiever moet scouten op uitgeweken talenten voor een ander land ermee aan de haal gaat.

Stanis Idumbo Muzambo (20 jaar, AS Monaco – Optie: DR Congo) 

Sinds het afscheid van Eden Hazard snakt België naar een speler als Idumbo: een kwikzilveren, creatieve draaischijf die het spel sneller leest dan zijn schaduw en vinnig op de kleine ruimte opereert. Toch test de middenvelder van AS Monaco momenteel openlijk de doctrine van Vincent Mannaert. Hoewel hij uitkomt voor de Belgische beloften, liet hij in de pers al vallen dat “de toekomst open ligt” en dat zijn definitieve keuze zal afhangen van “welke ploeg hem de juiste kansen biedt”. Het vormt een delicate evenwichtsoefening voor de RBFA. Plooit de bond voor zijn talent met een snelle promotie, of houdt Tubeke vast aan de harde principes met het risico hem recht in de armen van Congo te duwen?

Ilyes Bennane (15 jaar, RSC Anderlecht – Optie: Marokko) 

Om de ernst van de hele situatie te vatten, moeten we afdalen naar de prille jeugd. Ilyes Bennane wordt omschreven als dé absolute ruwe diamant van zijn generatie. Zijn dossier bewijst dat de talentenoorlog zich allang niet meer beperkt tot spelers van achttien jaar of ouder. Marokko rolt nu al de rode loper uit voor talenten als Bennane, inclusief VIP-behandelingen en jeugdtoernooien in Noord-Afrika. Om zo’n ruw goudklompje voor België te behouden, volstaat een simpele oproepingsbrief voor de U16 niet meer; de bond moet al op piepjonge leeftijd een concreet en wervend carrièreplan klaarhebben.

Hoe keert Tubeke het tij?

De groeiende lijst met afhakers stelt het zenuwcentrum van het Belgische voetbal voor een existentieel dilemma. Mannaert verdient lof voor zijn poging om de trots rond het shirt van de nationale ploeg in ere te herstellen. De Rode Duivels zijn geen hotel waar je vrijblijvend in en uit wandelt naargelang het je uitkomt, en chantage via de media wordt terecht niet meer getolereerd. Toch dreigt die strakke, onbuigzame lijn van ‘kiezen is kiezen’ stilaan op tactische zelfmoord uit te draaien. In het internationale voetbal van 2026 dicteert het talent nu eenmaal de wetten, en een voetballand als België kan het zich simpelweg niet permitteren om uit koppigheid talenten bij het grofvuil te zetten.

De oplossing ligt niet in smeken, maar in een fundamentele mentaliteitswijziging binnen de muren van Tubeke. De RBFA moet evolueren van een reactief instituut naar een proactieve verleidingsmachine. Buitenlandse bonden tonen aan dat een simpele uitnodigingsbrief voor de nationale beloften niet meer volstaat. België moet al bij de U15 een diepgaande vertrouwensband opbouwen met het talent én zijn entourage. Ze moeten deze jongens niet zomaar selecteren, maar hen een wervend, gepersonaliseerd carrièreplan presenteren. Waarom wachten tot een speler twintig is om hem te laten proeven van de A-ploeg, als je een zeventienjarige ruwe diamant ook al eens een week kan laten meetrainen met de grote jongens om hem dat ultieme Rode Duivels-gevoel te geven?

Daarnaast is er dringend nood aan meer emotionele intelligentie in de benadering van deze dossiers. De voetbalbond moet de spreidstand van binationale tieners leren omarmen in plaats van ze af te straffen. Wanneer een achttienjarige worstelt met de keuze tussen het land waar hij opgroeide en het land van zijn (groot)ouders, is dat geen teken van gebrek aan respect, maar een volstrekt logische identiteitscrisis. Die twijfel beantwoord je niet door de deur in het slot te gooien, maar met begrip, geduld en een warm bad. Tubeke moet een thuis worden die hun multiculturele achtergrond erkent.

De strijd om het binationale talent is zonder twijfel de belangrijkste wedstrijd die de RBFA momenteel speelt, ver weg van de stadionlampen. Als België ook na het tijdperk van de Gouden Generatie structureel wil blijven meedraaien aan de wereldtop, moet het dit complexe diplomatieke spel dringend in de vingers krijgen. Doet het dat niet, dan wordt de toekomst van het Belgische voetbal de komende jaren geschreven in Rabat, Kinshasa of Lissabon.

• Tekst: Thibo Van Ingelgem
• Foto: “FIFA headquarters” door Ben Sutherland is gelicentieerd onder CC BY 2.0.