Basketbal: Waarom hebben Nederlandse teams het moeilijker in de BNXT-league?
Het internationale basketbalproject van de Lage Landen zit in een cruciale overgangsfase. Komend seizoen krimpt de BNXT League, de grensoverschrijdende competitie tussen België en Nederland, van achttien naar zestien ploegen. Maar liefst drie Nederlandse clubs — Den Helder Suns, BA Limburg en LWD Basket — zagen zich recent genoodzaakt om de stekker uit hun avontuur te trekken en stappen uit de competitie. En hoewel het verlies van dit drietal de wenkbrauwen doet fronsen, is dit volgens de top van de league geen teken van verval, maar juist een bewuste keuze voor kwaliteit. De drang naar professionalisering eist nu eenmaal zijn tol.
De beslissing om de competitie in te krimpen was geen initiële wens van de BNXT-league, maar het afhaken van Den Helder Suns, BA Limburg en LWD Basket is een direct gevolg van de onvermijdelijke stap naar een hogere algemene standaard. Topsport vereist een solide basis, en dat weerspiegelt zich in de strengere voorwaarden om te mogen deelnemen. “Als de vraag die je stelt is: ‘kan de league blijven bestaan?’, dan is dat antwoord voor mij ja“, stelt Wim Van de Keere, General Manager van de BNXT League.
Men had de league uiteraard liever met meer teams gezien, maar de visie op lange termijn primeert. “We gaan van achttien clubs naar zestien clubs, doordat er in België eentje bijkomt en in Nederland vallen er inderdaad een paar af. Voor het organiseren is dat in principe geen probleem“, aldus de directie. Die Belgische nieuwkomer is overigens CB Liège, dat opkomt uit de tweede klasse, de Top Division Men One. “We hadden dat liever gedaan met iets meer clubs. Maar het is een feit: als we een traject van professionalisering op gang willen trekken, dan weet je dat dat ook als eis gesteld wordt. In die zin is er wel aan de licentie-eisen gewerkt.” Met andere woorden: wie – zoals de drie genoemde Nederlandse clubs – (nog) niet mee kan in de professionele stroomversnelling, valt voorlopig uit de boot.
Verborgen kloof: infrastructuur en huisvesting
Wanneer we inzoomen op de redenen waarom exact deze clubs uit Den Helder, Weert en Leeuwarden de handdoek in de ring moesten gooien, stuiten we op een complexe mix van financiële en structurele obstakels. Het is niet enkel het opgetrokken minimumbudget dat parten speelt; de operationele realiteit verschilt fundamenteel tussen de twee landen.
Een van de grootste pijnpunten is de infrastructuur. “In Nederland is accommodatie vaak gehuurd op een andere manier, gestructureerd met private bedrijven die aan commerciële tarieven werken“, wordt er uitgelegd. “In België heb je meestal een samenwerking met de structuur van een stad, waar dan aan een gereduceerd tarief kan gehuurd worden.” Daarnaast is er de keiharde realiteit van de Nederlandse woningmarkt. Een betaalbaar appartement vinden voor spelers is peperduur en gigantisch moeilijk, wat de budgetten van deze clubs simpelweg onhoudbaar maakte.
Ontbrekende brug: van promotiedivisie naar profniveau
Een ander probleem dat bijdroeg aan de val van de drie teams, is de structuur van het basketbal onder het allerhoogste niveau. In Nederland gaapt er een enorme kloof tussen de nationale promotiedivisie en de BNXT League. Waar een Belgische club na degradatie of financiële problemen nog kan terugvallen op een degelijke, semi-professionele structuur in Top Division Men One, voelt dat bij onze noorderburen als een regelrechte doodssteek.
“Zij zeggen soms: ‘voor ons is dat het einde van het bestaan’. En dat is ook niet onmogelijk natuurlijk“, geeft men toe. “Als je in België degradeert, ja dat is hard, maar het is niet dat er direct een professionele structuur verdwijnt, of dat je achteraf niet nog in tweede nationale kan spelen.” Zonder zo’n kwalitatief vangnet weegt een mislukt avontuur in de top meteen loodzwaar.
Traditieclubs als voorbeeld van stabiliteit
Toch is het beeld voor het Nederlandse basketbal niet louter negatief. Kijken we naar de historische grootmachten, dan zien we dat succes wel degelijk mogelijk is. Clubs zoals Donar Groningen en Heroes Den Bosch overleven niet alleen, ze blijven de kar trekken.
“Als je kijkt naar een club als Donar Groningen of een Den Bosch… dat zijn organisaties die in vergelijking met andere toch echt wel budgetten hebben“, klinkt de logische verklaring.”Dat is een budget dat toch minstens het drievoudige is van een gemiddelde club op de rest van wat er in de BNXT League gebeurt. Zij hebben de mankracht en de capaciteit om dat te doen.” Voor LWD Basket, BA Limburg en Den Helder Suns woog de sportieve ambitie helaas niet langer op tegen de dagelijkse, vaak door vrijwilligers gedragen realiteit.
Een inkrimping voor een gezonde toekomst
De BNXT League staat op een belangrijk kruispunt. De reductie naar zestien teams en het pijnlijke verlies van Den Helder Suns, BA Limburg en LWD Basket is een hard, maar broodnodig selectieproces in de naam van professionalisering. Het dwingt de competitie om de lat hoger te leggen en te focussen op duurzame kwaliteit. Als de fundamenten, met name in Nederland, verder gestabiliseerd worden, vormt deze schijnbare krimp ongetwijfeld de lanceerbasis voor een veel robuustere toekomst van het professionele basketbal in België en Nederland.



