18/10/2026

CATWALK 2026: de mode van morgen ligt al in de vuilbak

Blikken, zakken & gevlochten plastic. Toen Hannes De Kinder, die mee het Metropolis Festival organiseert en de choreografie van Catwalk 2026 maakte, hoorde waar de kostuums van zouden worden gemaakt, had hij eerlijk gezegd weinig vertrouwen in het resultaat. “Ik dacht: gaat dat niet iets goedkoops of raars geven?” Tot hij de eerste gerecycleerde jurken zag. Catwalk 2026 is de openingsact van ‘Metropolis – Jongeren maken de stad’, een voorstelling van het Metropolis Festival die op 22 oktober in Theater Arenberg in Antwerpen te zien is. Jongeren tonen er de toekomst, gekleed in wat wij vandaag weggooien.

Hoe is Catwalk 2026 ontstaan?
HANNES: Ik zit zelf mee in de organisatie van het Metropolis Festival en zij vroegen of ik dit project zag zitten. Ik vond het meteen leuk en heb er mijn eigen twist aan gegeven. Ik wilde twee werelden creëren. De eerste is een futuristische wereld die helemaal in het Metropolis-thema past, met een soort alienstijl. De tweede draait rond recyclage en duurzaamheid. Daar werken we met kleren die gemaakt zijn van wat wij afval noemen. Zo willen we tonen dat we in de toekomst anders met afval moeten omgaan als we een duurzame toekomst willen.

Waarom staan duurzaamheid en recyclage zo centraal?
HANNES: Omdat dat ook terugkomt in ons festival. Het Metropolis Festival is gebaseerd op de film en daar speelt duurzaamheid al een grote rol: letterlijk duurzaam omgaan met je toekomst. Er is superveel afval, zeker in Kinshasa en daar hebben de organisatoren zich op gebaseerd.

VAN AFVAL TOT AVONDJURK

Waar komen de materialen vandaan?
HANNES: Een Indonesische organisatie van vrouwen die afval hergebruiken om kleine accessoires te maken. Wij hebben hen uitgedaagd om groter te denken en kleren te maken. Onze coördinator kwam met inspiratie uit Kinshasa. Daar is heel veel afval en mensen maken er op een mooie manier iets bruikbaars van. De kostuums zijn bijvoorbeeld deels gemaakt van blikken en plastic zakken, allemaal materiaal dat wij gewoon zouden weggooien. Daar hebben zij iets heel tofs van gemaakt.

Was er iets waarvan je eerst dacht dat het nooit bruikbaar zou worden?
HANNES: Ja. Toen ik de kleren voor het eerst zag, dacht ik: dat is eigenlijk heel slim bedacht. Ze hebben van puur plastic helemaal gevlochten jurken gemaakt. Dat was echt tof.

Ben je zelf anders naar kleding gaan kijken door dit project?
HANNES: Ja, eigenlijk wel. Ik had er eerlijk gezegd niet zoveel vertrouwen in. Ik dacht: blikken en plastic, gaat dat niet iets goedkoops of raars geven? Maar ik ben op een mooie manier naar die cultuur gaan kijken, vooral in Kinshasa, waar dat echt een beetje standaard is.

SAMEN MET JONGEREN

Je werkt vaak samen met jongeren. Wat trekt je daarin aan?
Kunnen jonge makers soms volwassener zijn in hun ideeën?
HANNES: Dat is eigenlijk een goede vraag. Ik vind van wel. We werken vooral samen met jongeren die zelf ook in de artistieke wereld zitten. Hoe moet ik het zeggen… zij geloven nog in de toekomst. Als we met wat oudere mensen samenwerken, hoor je vaak: “Dat gaat toch niet werken, daar komt toch nooit iets van.” Ik denk dat de jongeren van nu die hoop nog hebben.

Hoe ziet een repetitie er concreet uit?
HANNES: We werken in twee groepen. Met de futuristische groep heb ik een choreografie gemaakt die we opvoeren. Dan heb je de groep die ik de blikkenmannen noem, geïnspireerd op de blikkenmannen gemaakt in Kinshasa. We zijn begonnen met werken rond de muziek die ze daar ter plekke maken en het gevoel dat erbij hoort.

Hoeveel inspraak hebben de jongeren?
HANNES: Veel. Bij het maken van de choreo zeiden ze soms: “Dit klopt niet” of “Dit voelt niet juist.” Dan vertrokken we van de vraag hoe die futuristische mensen zouden bewegen en zij zeiden zelf: zo beweeg ik graag en zo niet.

Hoeveel stuur jij als maker en hoeveel laat je los?
HANNES: Bij de choreo heb ik echt wel gestuurd. Het deel met de blikkenmannen is vanuit henzelf gekomen. Eigenlijk is het fiftyfifty. En als ze met een goed initiatief afkomen, kan ik ook gewoon zeggen: top, dat past er beter bij. Zo heb ik zeker al eigen ideeën geschrapt.

Was er een moment waarop je dacht: nu klopt het?
HANNES: Ja, tijdens één van de laatste repetities. Daarvoor was het nog wat stressy, maar toen kwamen we allemaal samen en hadden we allemaal het gevoel: dit komt helemaal goed.

JONG EN OUD

Kijken jongeren anders naar duurzaamheid dan volwassenen?
HANNES: Dat denk ik wel. De jongeren die aan ons festival meedoen, zijn sowieso team recyclage: hoe kunnen we daar iets mee doen? Bij de oudere garde merkten we eerder twijfel. Ze waren superenthousiast over de kleren, maar dachten soms toch: ziet dat er wel uit en kan dat wel?

Weegt de mening van volwassenen door?
HANNES: Sommige meningen wel. We hebben een heel goede coördinator die wat ouder is en die zelf met het idee voor de kostuums kwam. Daar luister ik echt naar. En er zijn heel goede ideeën van gekomen.

EEN ANDERE KIJK OP MODE

Mode draait vaak om altijd iets nieuws kopen.
Is Catwalk 2026 kritiek op de mode-industrie?
HANNES: Ja, ik denk het wel. We willen het typische beeld van de toekomst tonen en daarnaast het typische beeld van recyclage. Dat concept hebben we heel letterlijk genomen. Zo willen we laten zien dat het ook op die manier kan, in plaats van altijd iets nieuws te kopen. Van puur afval kunnen we iets supermooi maken. Maar ook met tweedehandskledij kun je veel doen. Dat proberen we te tonen met onze futuristische groep, om ook hun deel zo duurzaam mogelijk te maken.

Wat wil je dat iemand denkt als hij na de voorstelling naar buiten stapt?
HANNES: Dat het ook anders kan. Dat je niet altijd iets nieuws hoeft te kopen om er deftig uit te zien en dat je met wat wij afval noemen iets heel moois kunt maken.

NAAR DE PREMIÈRE EN VERDER

Wanneer is Catwalk 2026 voor jou geslaagd?
HANNES: We spelen op 16 oktober voor de eerste keer. Als dat goed gaat en we achteraf goede reacties krijgen, dan is het geslaagd. Het is wel soms moeilijk om te combineren: ik organiseer het festival ook mee, dus de planning wordt heel krap. Maar het komt zeker goed.

Stel dat Catwalk 2026 over honderd jaar, in 2126, opnieuw wordt opgevoerd.
Wat hoop je dat mensen er dan van onthouden?
HANNES: Dat je van wat wij afval noemen iets tofs kunt maken en dat we ook meer naar tweedehands spullen gaan kijken. Maar als mensen erop terugblikken, hoop ik dat ze zullen zeggen: dat was hun afval en zo maakten ze er kleren van. En ik hoop dat dat over honderd jaar veel normaler is.

Benieuwd hoe afval er op de catwalk uitziet? Catwalk 2026 is te zien op donderdag 22 oktober om 20.15 uur in Theater Arenberg in Antwerpen, als opener van ‘Metropolis – Jongeren maken de stad’.